John West en de gestolen Picasso (een feuilleton) Deel 8 – De Führerbunker VII

‘Oké, Mario. Als jij nu ook je aansteker pakt en ons een beetje bijlicht in dit fascistische spookhuis, voel ik me misschien wat meer op mijn gemak.’

‘Twee aanstekers geven meer licht dan één.’

‘Zo is dat, Mario.’

Sepp Sanders keek enkele seconden zwijgend achterom over zijn linkerschouder naar de deuropening die toegang verschafte tot de dinerruimte van de Vorbunker. Hij zag de opengesperde muil van een dood monster. Een zwart gat. Vervloekte grond, waarop de grootste massamoordenaar uit de geschiedenis van de mensheid zich op de dag na zijn bruiloft in de mond geschoten had met een pistool, nadat hij een cyaankalipil ingenomen had.

Een gedeukte verroeste stalen deur hing als een in zijn val verstarde verslagen bokser scheef in het onderste hengsel van de deuropening.

Een seconde lang wist Sepp Sanders zeker dat hij de grootse vergissing van zijn leven gemaakt had om hier te willen zijn en te gaan doen wat hij op het punt stond om te gaan doen. Een verboden bezoek brengen aan de Führerbunker van Adolf Hitler.

Waarom had hij zijn goede vriend Mario Bos naar deze plek gelokt? Was hij niet zelf door de duivel bezeten? Kon dit avontuur wel goed aflopen? Was zijn fascinatie voor het Derde Rijk van Adolf Hitler niet volkomen uit de hand gelopen?

Hij ontwaakte uit zijn demonische gemijmer en keek Mario Bos met een ondeugende glimlach aan. ‘Hey! Ho Let’s go,’ citeerde hij het nummer “Blitzkrieg Bop” van de New Yorkse punk rock band The Ramones en liep de dinerruimte van de Vorbunker in.

‘Hey, I don’t care about history! Rock, rock, rock ’n roll high school!,’ zong Mario Bos en trad in de voetsporen van Sepp Sanders.

‘Nu even serieus, Mario. Hier aan de linkerkant van de dinerruimte geeft de deur links toegang tot de voorraadruimte en keuken van de Vorbunker, die ook dienst deed als wijnkelder.’

Mario knikte geïnteresseerd naar het achterhoofd van Sepp Sanders, die met een paar grote stappen de dinerruimte doorgestoken was en in de volgende deuropening even halt hield om daarna met sluipende tred zijn weg te vervolgen.

‘Nu zijn we in de voormalige conferentiezaal. Aan de rechterkant zijn de gastverblijven en hier links zijn de twee slaapvertrekken van propagandaminister Joseph Goebbels en zijn familie te vinden. Ik heb gelezen dat alle originele stapelbedden van de familie Goebbels daar nog staan. Laten we een kijkje nemen.’

Sepp Sanders betrad de ruimte aan de linkerkant van de conferentiezaal, bleef na een stap staan en slaakte een diepe zucht. ‘Jezus, die stapelbedden zijn er echt nog.’

Mario Bos keek nieuwsgierig over de rechterschouder van Sepp Sanders naar de verwrongen geraamten van drie stel stapelbedden.

‘Dus hier werden de vijf kinderen van Joseph Goebbels en zijn vrouw Magda gedrogeerd met morfine, voordat de lijfarts van Hitler, Ludwig Stumpfegger, vroeg in de avond van 1 mei 1945, bij elk van hen een capsule gevuld met cyaankali tussen de tanden kapot drukte,’ zei Mario Bos.

Sepp Sanders draaide zich verschrikt om.

‘What the fuck, Mario? Hoe weet jij dat allemaal?’

‘Op de middelbare school heb ik voor het vak geschiedenis een werkstuk gemaakt over Joseph Goebbels. Ik heb het altijd fascinerend gevonden dat de grootste propagandist van het Arische sprookje en één van de meest invloedrijke figuren van het nazi regime een dwerg met een horrelvoet was. Als vierjarige heeft Goebbels een ziekte gehad die ze in het Duits “Knochenmarkentzündung” noemen. Geen flauw idee hoe je dat in het Nederlands vertaalt.’

‘Dat is ook fascinerend, Mario. Net zoals het feit dat Adolf Hitler maar één teelbal had.’

‘Je hebt gelijk, Sepp. En dan heeft hij die ene teelbal ook nog eens nooit gebruikt.’

‘Klopt. Ja, Mario, dat kan je van Joseph Goebbels niet zeggen, dat hij zijn ballen niet heeft gebruikt.’

‘Nee, niet echt. Hij heeft vijf kinderen gemaakt bij zijn vrouw Magda: Helga, Hilde, Helmut, Holde, Hedda en Heide.’

‘Dat is waar ook, Mario. Uit respect voor Adolf Hitler heeft Goebbels al zijn kinderen een naam gegeven die begint met de letter “H”. De slijmbal.’

Sepp Sanders en Mario Bos schoten tegelijkertijd in de lach.

‘Zeg, Sepp. Wist je dat Goebbels er ook nog talloze minnaressen op na hield, die actrice waren in het Hollywood van nazi-Duitsland, de UFA-studio’s in de wijk Babelsberg van Potsdam. Eén van zijn bijnamen was dan ook “De bok van Babelsberg.”‘

Sepp Sanders schoot in de lach. ‘”De bok van Babelsberg.” Het moet niet gekker worden.’

‘En toch is het allemaal waar, Sepp. Dat maakt het extra zot.’

‘Enfin, Mario. Laten we verder gaan. Want we zijn hier niet voor Joseph Goebbels gekomen.’ Sepp Sanders duwde Mario Bos zachtjes opzij en betrad opnieuw de conferentiezaal, waarna hij de brandende aansteker van zijn linker naar zijn rechterhand verplaatste. ‘Ik begin een beurse duim te krijgen van die rotaansteker.’

‘Misschien moeten we toch maar om de beurt bijlichten, Sepp. Mijn duim voelt ook beurs en mijn arm lam.’

‘Oké, Mario. Goed idee. Ik neem de eerste beurt wel. Dan verlaten we nu de conferentiezaal en bevindt zich hier rechts, als het goed is, de trap omlaag naar de eigenlijke Führerbunker. Ja, ik zie de trap hier recht voor mij. Hij ziet er vochtig en spekglad uit, dus doe voorzichtig, Mario.’

Zwijgend daalden Sepp Sanders en Mario Bos de trap naar de Führerbunker af, die twee keer een slag naar links maakte voor ze in de hal voor de Führerbunker stonden. In het midden van de hal bevond zich een deur aan de rechterkant. Ze hielden halt voor de ingang van de plek die het decor was geweest van de georkestreerde moord op miljoenen vonkjes van Liefde. Hier was de moord op God beraamd en had de ondergang van de Duivel zich voltrokken.

Opnieuw bekroop Sepp Sanders het gevoel dat hij hier niet hoorde te zijn. Het voelde aan alsof hij grafschennis van de foutste soort aan het bedrijven was. Maar hoe kon je het hol van Het Kwaad schenden? Het onbehaaglijke gevoel dat de duivelse tentakels van de mislukte kunstenaar uit Braunau am Inn naar zijn ziel klauwden kon hij niet kwijtraken. Wie deze tempel van de dood betrad moest wel voor altijd behekst zijn. Hoe zou hij ooit nog een pasgeboren baby in zijn handen kunnen houden en die niet bezoedelen met de bedorven lucht die hij hier inademde?

Net als vlak voor het betreden van de dinerruimte van de Vorbunker schudde hij al deze unheimische gevoelens van zich af. Hij moest helder, nuchter en rationeel blijven denken en zijn gedachten niet laten besmetten door de cocktail van Derde Rijk-voodoo en nazi-drek, waarmee elke steen en elke spleet, ja, alle voorwerpen en elk luchtmolecuul van deze grot van Beëlzebub doordrenkt leek te zijn. Hij moest zichzelf voor blijven houden dat hij niet in het Huis van Satan was, maar gewoon in een doodgewone in onbruik geraakte doodgewone bunker in het doodgewone hart van de mooie en ruim opgezette doodgewone wereldstad Berlijn, die toevallig gelegen was in het doodgewone niemandsland vol doodgewone mijnenvelden, doodgewone dolle Duitse marxistische herders en doodgewone schietgrage Oost-Duitse grenswachten aan de Oost-Berlijnse kant van de doodgewone Muur, die toevallig de doodgewone laatste rustplaats was geweest van de doodgewone fokking Adolf Hitler!

Nu moest hij rustig doorademen.

De toegangsdeuren van de Führerbunker ontbraken. Sepp Sanders ging de Führerbunker binnen en onwillekeurig werd hij overvallen door de gedachte dat een bruidegom, die op zijn trouwdag de trouwzaal van het stadhuis betreedt en pas op dat moment beseft dat hij met de verkeerde vrouw gaat trouwen, maar geen weg terug meer heeft, zich precies zo moest voelen als hij op dat moment deed.

‘Mario. Alle wegen leiden naar de zitkamer van Adolf Hitler. We hebben de keuze uit twee routes. We staan nu in de entreehal.’

‘Waar is het, Sepp? Waar heeft die klootzak zich omgelegd?’

‘Wat doe jij nerveus, Mario? Waar komt dat opeens vandaan?’

‘Geen idee, Sepp. Maar ik besef nu pas, meer dan ooit, wat een ontzettende klootzak ik die vent eigenlijk altijd gevonden heb. Wat een ongelooflijke schoft. Waar heeft hij de gore moed vandaan gehaald om de hele wereld in ellende te storten? Wie dacht hij wel niet dat hij was, die vieze vuile Adolf Hitler met zijn ene teelbal en dat kutsnorretje van hem en die mallotige swastika van hem in spiegelbeeld, die hij gewoon als een ordinaire dief gestolen heeft van de hindoeïsten en de boeddhisten.’

‘En vergeet de jaïnisten niet, Mario. Die worden maar al te vaak vergeten.’

‘Ja, Sepp. Natuurlijk ook de jaïnisten. Maar wat ik zeggen wilde. Mijn handen beginnen gewoon te jeuken. Als die vent hier nog zou rondhangen zou ik hem eigenhandig in elkaar willen beuken, zoals dat in spaghettiwesterns gebeurt met ongeschoren geteisem zonder gezin en hem alle kanten van zijn bunkertje willen laten zien.’

‘Jezus, Mario, het schuim staat op je lippen en je staat helemaal te trillen.’

‘Laat me maar even, Sepp. Oké, hoe moeten we lopen?’

‘Hier aan de rechterkant van de entreehal hoeven we niet te zijn. In die ruimtes waren een telefooncentrale, een ruimte voor een generator en de spreekkamer en het slaapverblijf van Hitler’s lijfarts Ludwig Stumpfegger.

‘Boeiend, Sepp. Daar hebben we inderdaad niets te zoeken. En als we hier links de entreehal verlaten? Wat is daar?’

‘Hier links zijn de toiletten, een ruimte waar de meterkast van de bunker stond, de badkamer van Adolf Hitler en zijn geliefde Eva Braun en tot slot de privékamer van Eva Braun. Daarachter is de zitkamer waar Adolf Hitler zelfmoord pleegde.’

‘Zullen we die route doen, Sepp, want ik moet opeens ontzettend nodig pissen. Zal wel van die Coca-Cola van daarstraks komen.’

‘Dat is een optie, Mario, maar de kortste route naar de zitkamer van Adolf Hitler is hier eerst rechtdoor de entreehal verlaten. We staan dan in de conferentiezaal van de Führerbunker en komen dan door de eerste deur links Hitler’s kantoor binnen. Ik weet niet wat we daar zullen aantreffen, Mario, maar ik kan me voorstellen dat je met al je woede meer bevrediging vindt als je zijn kantoortje onderpist dan dat je hier links gewoon naar het toilet gaat.’

‘Rechtdoor naar de conferentiezaal en dan linksaf het kantoor van Hitler in, waar ik de hele santenkraam onder ga zeiken. Ik wil wraak, Sepp!’

Nieuwe hoofdstukken van dit feuilleton verschijnen elke zondag als eerste op thrillerlezers.nl.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s