John West en de gestolen Picasso (een feuilleton) Deel 15 – De Grote Ontsnapping II, Berlijn (Kerst 1987)

 

“Herrlich liegt die Zukunft vor Uns,” mompelde Sepp Sanders. Hij keek vanuit het oerwoud van distels, fluitenkruid, hondspeterselie en dolle kervel nog eens goed om zich heen.

In zuidelijke richting zag hij nog net een duo Oost-Duitse grenswachten al slenterend over de Kolonnenweg achter een kromming van de Muur naar links, voorbij de Potsdamer Platz, uit zicht verdwijnen.

De Potsdamer Platz was in de jaren twintig van de vorige eeuw een door flikkerend neonlicht overgoten bruisend Walhalla voor “de nuttelozen van de nacht” geweest, waar kunst, hedonisme, cabaret en promiscuïteit in al hun verschijningsvormen een onstuimige en onweerstaanbaar verleidelijke cocktail hadden gevormd voor hen die lak hadden gehad aan het begaan van zeven of meer dodelijke zonden.

De Potsdamer Platz was omringd geweest door casino’s, luxe restaurants, bordelen en nachtclubs, waar men met voorbedachten rade de tijd doodde, onder het genot van drank, die in alle kleuren van de regenboog geserveerd werd, met en zonder bubbels of ijs, en drugs in een verscheidenheid waar menige apotheker jaloers op zou zijn geweest.

De Potsdamer Platz was het meest wilde en swingende plein van Berlijn geweest, de stad die in de jaren twintig van de vorige eeuw de veelzeggende bijnaam “Spree-Babylon” had gedragen.

De Potsdamer Platz had qua uitstraling moeiteloos kunnen wedijveren met het kolkende elan van Times Square in New York en de hitsige allure van het vooroorlogse Parijse Montmartre.

De Potsdamer Platz was in die tijd één grote flamboyante “Spree Parade.”

Nu bestond de Potsdamer Platz alleen nog maar in naam. Alle energie die het plein ooit had bezeten was vernietigd door de verwoestende loop die de geschiedenis had genomen in de vorm van miljoenen alles onder zich vermorzelende soldatenlaarzen van fascisten en communisten. Het plein was jarenlang genadeloos gestenigd door miljoenen tonnen explosieven, die door de armada’s van de Amerikaanse luchtstrijdkrachten overdag, en die van de Britse Royal Air Force in de nacht, over het centrum van Berlijn waren uitgestort.

De kroon op de vernietiging van het voormalige kloppende hart van Berlijn was de bouw van de Muur in 1961 geweest. De Muur die de Potsdamer Platz letterlijk in tweeën had gedeeld. Alsof je een dood lichaam verder kunt ontheiligen door het te mutileren, vierendelen, bespuwen en in stukken hakken.

Voorzichtig kijkend door kleine openingen in het hem omringende oerwoud van struiken en onkruid kon Sepp Sanders in noordelijke richting geen duo Oost-Duitse grenswachten ontwaren. Achter de Muur in noordelijke richting was het bovenste deel van de Brandenburger Tor te zien. De voormalige toegangspoort tot het centrum van Berlijn was eeuwenlang het toneel geweest van krioelende mensen met een missie, maar vormde nu het troosteloze decor voor een enkele verdwaalde vogel die van West naar Oost-Berlijn vloog. De Brandenburger Tor was nu het symbool geworden van het menselijke vermogen om onoverbrugbare ideologieën te creëren die het voortbestaan van de planeet Aarde in gevaar konden brengen. Vlak achter de Brandenburger Tor was het ingestorte dak van de zwartgeblakerde ruïne van de Reichstag te zien. De voormalige zetel van het Duitse parlement was sinds het aan de macht komen van Adolf Hitler in 1933 verworden tot een deerniswekkende met onkruid overwoekerde stenen kolos die de onmacht van het verdeelde en geteisterde Duitse volk was gaan symboliseren.

Zou de Muur die Oost van West scheidde ooit nog afgebroken worden? Zou Berlijn ooit weer de hoofdstad van een ongedeeld Duitsland worden, waar de volksvertegenwoordiging verzameld zou zijn in een gerestaureerde Rijksdag?

Sepp Sanders wendde zijn blik tussen de struiken en het onkruid door naar rechts, waar zijn oog viel op een grote stationsklok die zich naast de propagandaposter met het opschrift “Herrlich liegt die Zukunft vor Uns”  aan de Oost-Duitse kant van de Muur bevond. Volgens de wijzers van de stationsklok was het vijf voor twaalf. Sinds Sepp Sanders en Mario Bos om 09.37 uur die ochtend de grensovergang Checkpoint Charlie gepasseerd hadden waren er ruim twee uur verstreken. Sepp Sanders had het gevoel alsof hij een paar dagen in de Führerbunker had doorgebracht.

Sepp Sanders keek vervolgens recht voor zich uit naar de wachttoren op ongeveer honderd meter afstand, waar hij de silhouetten van Oost-Duitse grenswachten verveeld door hun verrekijkers naar het Westen zag turen naar toeristen die hen vanaf bij de Muur opgestelde houten stellages stonden te fotograferen alsof ze exotische dieren waren.

Hij moest uit dit vervloekte niemandsland tussen Oost en West zien weg te komen. Het eerste obstakel vormde de wachttoren. Als de wachttoren bemand werd door dezelfde Oost-Duitse grenswachten die hen deze ochtend in de richting van de resten van de Führerbunker hadden zien lopen, zouden ze hem waarschijnlijk herkennen, maar zich vooral afvragen waar zijn compagnon gebleven was, die de Oost-Duitse grenswachten hoog in de wachttoren in luid gelach had laten uitbarsten door in een opwelling de Hitlergroet uit te brengen, waarbij hij “Zum Wohl” naar hen geroepen had.

Het daaropvolgende probleem was het grijs geschilderde wachthuisje met daarin de Oost-Duitse grenswacht, die eruit zag als een etalagepop met kleding van de Oost-Duitse grenspolitie aan, zonder incidenten veilig passeren.

Eerst stond Sepp Sanders op om zijn uniform te fatsoeneren. Daarbij zorgde hij ervoor dat hij verborgen bleef in het oerwoud van distels, fluitenkruid, hondspeterselie en dolle kervel dat hem omringde. Door het pandemonium in de zitkamer van Adolf Hitler, toen hij na de dood van Mario Bos als een hondsdolle honkballer tekeer was gegaan met de afgebroken tafelpoot tegen de plek in de muur waar hij de aanwezigheid van een geheime bergplaats verwachtte aan te treffen, zat zijn in een exclusieve carnavalswinkel in Amsterdam-Noord voor weinig geld gekochte uniform inclusief bijbehorende laarzen en pet van de Oost-Duitse grenspolitie onder het stof en gruis. De ontmanteling van de stapelbedden van de Goebbels kinderen en de daarop volgende tumultueuze ontsnapping via de luchtfilter van de Vorbunker had zijn voorkomen aanzienlijk minder onberispelijk gemaakt.

Sepp Sanders klopte zijn uniform vol vlijt en met beleid af. In een wolk van stof was hij aan het huishouden. Hij sloeg geen onderdeel van zijn garderobe over. Hij vergat niet de uniformpet, die hij tijdens zijn klim uit de bunker als een honkbalpetje strak over zijn hoofd getrokken had, op de gebruikelijke, losse manier op zijn hoofd te plaatsen.

Het bruine houten kistje met daarin het rapport “Strategische Verteidigungsinitiative” bleef keurig verstopt onder zijn overhemd en was door de lichte bolling van zijn gesloten uniformjasje aan het oog onttrokken.

Sepp Sanders schrok op van alarmerende kreten vanuit de richting van de wachttoren. Toen hij door openingen in de Oost-Duitse jungle in de richting van de wachttoren keek zag hij hoe elkaar wild aanstotende Oost-Duitse grenswachten hun verrekijkers in zijn richting hadden verplaatst, waarbij zij onverstaanbare opgewonden Duits klinkende klanken voortbrachten.

Sepp Sanders had opeens door dat het stofvrij maken van zijn uniform voor de vorming van een kleine paddenstoelwolk had gezorgd, die zich nog steeds langzaam aan het verheffen was boven de met groen overwoekerde ruïne waarin hij zich verstopt hield. In een opwelling greep hij naar zijn sigaretten en zijn aansteker, stak een sigaret op en stapte rokend en in de richting van de Oost-Duitse grenswachten in de wachttoren zwaaiend uit zijn schuilplaats tevoorschijn.

‘Bist du das!? Rauchen Sie!? Wir dachten die dritte Weltkrieg war ausgebrochen!’ vroeg de meest rechts staande Oost-Duitse grenswacht in de wachttoren terwijl hij zijn verrekijker liet zakken.

‘Nein, Joker! Es gibt nichts zu befürchten! Ich war hier nur mit meine Zigarette!’ riep Sepp Sanders en begon aarzelend in de richting van de wachttoren te lopen.

‘Kein Problem! Wo ist dein Genosse geblieben!?’ vroeg dezelfde Oost-Duitse grenswacht verder.

‘Ja, ich soll es Ihnen sagen! Mein Genosse liegt ohnmächtig hinter den Resten des Führerbunkers!’ Sepp Sanders en probeerde zo ontspannen mogelijk in de richting van de wachttoren te lopen.

‘Hinter den Resten des Führerbunkers Ohnmacht gefallen!? Wie ist das passiert!?’ klonk de volgende vraag van dezelfde Oost-Duitse grenswacht.

‘Wahrscheinlich beim Frühstück etwas falsch gegessen!’ riep Sepp Sanders en spreidde zijn armen in een machteloos gebaar ten teken dat hij niet voor alles een verklaring kon hebben.

‘Vielleicht waren die Eier faul wieder und die Schinken über die zulässige Haltbarkeit!?‘ keuvelde de Oost-Duitse grenswacht  ontspannen door.

‘Es könnte sehr gut! Oder saure Milch! Es kommt auch öfter!’ Sepp Sanders stond nu bijna onder de wachttoren en moest recht omhoog kijken om oogcontact met de meest rechtse Oost-Duitse grenswacht te houden.

‘Das ist wahr! Haben Sie aufgefordert, für die medizinische Betreuung durch Ihr Handsprechfunkgerät!?’

Sepp Sanders begreep gelukkig dat hem gevraagd werd of hij medische hulp had gevraagd via een mobilofoon.

‘Der Akku meines Handsprechfunkgeräts ist leer!’ verontschuldigde Sepp Sanders zich.

‘Wie kann das sein? Die Batterien werden immer geladen!?‘ klonk nog steeds dezelfde stem uit de wachttoren.

‘Wenn einige Ruck muss zu tun haben vergessen!‘ gaf Sepp Sanders als verklaring.

‘Und das Handsprechfunkgerät Ihrer Kollegen!?’ ging de Oost-Duitse grenswacht onverdroten door.

‘Der hat er in den Führerbunker fallen gelassen!’ riep Sepp Sanders naar boven.

‘Wie hat er das gemacht wieder gelungen!? In den Führerbunker fallen gelassen!?’ vroeg de Oost-Duitse grenswacht met een geïrriteerde frons op zijn gezicht.

‘Ja, es ist ein echter Trottel, mein Genosse!’ riep Sepp Sanders naar boven.

Hij stond nu recht onder de wachttoren en lonkte naar het grijs geschilderde wachthuisje met daarin de Oost-Duitse grenswacht, die eruit zag als een etalagepop met kleding van de Oost-Duitse grenspolitie aan.

‘Man könnte sagen, ja! Warum sprechen Sie Deutsch wirklich so schlecht, Genosse!?’ voegde de andere Oost-Duitse grenswacht zich in het gesprek.

‘Meine Eltern waren Diplomaten, die immer in obskuren afrikanischen Ländern stationiert waren!’ gaf Sepp Sanders als verklaring voor zijn slechte Duits.

‘Dann bekomme ich es! Aber ein Idiot, der Genosse von dir!’

Sepp Sanders slaakte een zucht van verlichting. Het zou lukken. Hij zou de wachttoren zonder problemen gaan passeren.

‘Ich habe dir gesagt! Ich werde an der Stelle in der Wand zum grau lackierte Wachhaus gehen zu helfen, zu erhalten!’ riep Sepp Sanders en wees naar het grijs geschilderde wachthuisje.

‘Ja! Gute Idee! Viel Glück!’ riepen de Oost-Duitse grenswachten in koor.

‘Vielen Dank! Beobachten Sie jetzt, aber in diesen schmutzigen Kapitalisten über die Mauer zurück!‘ riep Sepp Sanders ten afscheid.

‘Gehen wir tun! Viel Glück, Genosse!’

De twee Oost-Duitse grenswachten richtten hun verrekijkers weer op de fotograferende toeristen die de stellages achter de Muur in het Westen bevolkten.

Sepp Sanders liep door naar het grijs geschilderde wachthuisje met daarin de Oost-Duitse grenswacht, die eruit zag als een etalagepop met kleding van de Oost-Duitse grenspolitie aan.

‘Warum bist du allein? Wo ist dein Genosse?’ vroeg de Oost-Duitse etalagepop.

‘Er wurde krank nach den Resten des Führerbunkers,’ legde Sepp Sanders opnieuw uit.

‘Unwohl wird eine große fette Kater oder ein Sozialisten Frühstück?’ vroeg de etalagepop geïnteresseerd.

‘Wahrscheinlich eine Kombination aus beidem,’ zei Sepp Sanders.

‘Haben Sie gebeten, für medizinische Hilfe mit Ihrem Handsprechfunkgerät?’

‘Ja, medizinische Betreuung ist auf dem Weg,’ loog Sepp Sanders. Er was geen medische hulp onderweg.

‘Sie haben gut gelöst. Können Sie sich identifizieren?’

‘Jesus, Kamerad. Jetzt? Warum sollte ich? Sehe ich aus wie ein Kapitalist?’ Sepp Sanders schrok zich rot. Identificeren? Hier? Nu?

‘Nicht.’

Sepp Sanders besefte dat hij niet de eerste man in de geschiedenis van de mensheid zou zijn die zich met een slappe opmerking over bier en vrouwen uit een benarde situatie zou redden.

‘Kann ich jetzt gehen? Ich habe zu tun. Trinken Bier und Ihre Frau geben Sie eine mittlere Reihe.’

‘Du hast mich,’ zei de Oost-Duitse etalagepop en een samenzweerderige glimlach verscheen op zijn gezicht.

‘Ich gehe.’

‘Bis später. Danke, Genosse. Ich habe eine letzte Frage.’

Een laatste vraag! Sepp Sanders kreeg een hartverzakking.

Warum sprechen Sie Deutsch wirklich so schlecht, Genosse!?’

‘Meine Eltern waren Diplomaten, die immer in obskuren afrikanischen Ländern stationiert waren!’ zei Sepp Sanders opgelucht. Een goede smoes werkt ook een tweede keer.

‘Dann bekomme ich es!

‘Herrlich liegt die Zukunft vor uns!’ zei Sepp Sanders als afscheidsgroet.

‘Entfaltet den Sozialistischen Wettbewerb!’ zwaaide de Oost-Duitse etalagepop hem uit.

Sepp Sanders verliet opgelucht het grijs geschilderde wachthuisje en begon gespannen de Mohrenstrasse af te lopen in de richting van het kleine parkje dat aan de kruising van de Mohrenstrasse en de Otto Grotewohlstrasse lag.

Hij ging eerst op het bankje voor het vierkanten transformatorhuisje in het verlaten parkje zitten om de omgeving in zich op te nemen. Toen hij niets verdachts zag dook hij achter het vierkanten transformatorhuisje en kleedde zich snel om. Binnen een minuut verscheen hij gekleed in een felgeel polyester trainingspak van het merk Adidas vanachter het vierkanten transformatorhuisje. De zakken van zijn trainingsbroek puilden uit van de sleutelbossen, aanstekers, paspoorten en pakjes sigaretten. Het bruine houten kistje met daarin het rapport “Strategische Verteidigungsinitiative” zat keurig verstopt onder de voorkant van zijn trainingsjack. De plastic tas met daarin behalve zijn complete uniform, twee reisgidsen van de stad Berlijn, twee flessen water en twee lege blikjes Coca-Cola liet Sepp Sanders liggen achter het vierkanten transformatorhuisje dat achterin het kleine parkje aan de kruising van de Mohrenstrasse en de Otto Grotewohlstrasse gelegen was.

Sepp Sanders betrad de Mohrenstrasse en stak daarna de Otto Grotewohlstrasse over, die in de nazi-tijd nog Wilhelmstrasse geheten had en waaraan tot in de jaren veertig van de twintigste eeuw Hitler’s kantoor De Rijkskanselarij gestaan had.

Op weg naar de kruising met de Friedrichstrasse, die hij rechtsaf in zou moeten slaan om rechtstreeks op Checkpoint Charlie af te lopen, keek hij met een steeds ongemakkelijker gevoel naar zijn uniformlaarzen van de Oost-Duitse grenspolitie, die ondanks het feit dat de broekspijpen van zijn felgele polyester trainingspak van het merk Adidas wijd waren, bij iedere stap die hij nam duidelijk zichtbaar waren onder de wijde pijpen van zijn trainingsbroek.

Het was stil op straat. Dat was vanmorgen ook het geval geweest. Hij bevond zich vlak bij de Muur. Niet echt een plek waar veel Oost-Duitsers zouden gaan flaneren. Bovendien bevonden zich er in deze wijk veel overheidsgebouwen en geen winkels. Dat betekende dat de gebouwen om hem heen gevuld waren met werkende mensen, die niet zomaar hun werkplek konden verlaten om naar buiten te gaan.

Werkloosheid bestond niet in het Oostblok. Werkloosheid was volgens de marxistische leer verboden en werd als een immoreel gevolg van het brute kapitalisme gezien. Verborgen werkloosheid was er echter des te meer. Er werd krankzinnig inefficiënt gewerkt.

Men werkte met vijfjarenplannen, zodat er alleen hard werd gewerkt tegen de tijd dat het vijfjarenplan gehaald moest worden. Je moest vooral niet meer produceren dan er van je werd verwacht in het vijfjarenplan. Deed je dat wel, dan was de kans groot dat je meer werk moest verzetten in het volgende vijfjarenplan. En daar zat niemand op te wachten, harder werken. Lekker zuipen en schaken in de tijd van de baas was het devies van de meeste leden van het arbeiderslegioen.

Ook waren er in het Oostblok talloze onzinnige baantjes verzonnen om ervoor te zorgen dat iedereen werk had. Als je bijvoorbeeld een busje thee wilde kopen, moest je eerst buiten de winkel een uur in de rij staan om te wachten op een bonnetje waarop stond dat je de winkel in mocht om een busje thee te gaan kopen. Daarna moest je aansluiten in een volgende rij om een bonnetje overhandigd te krijgen waarop stond dat je een busje thee wilde kopen. Vervolgens moest je met dat bonnetje in een volgende rij gaan staan om het busje thee af te rekenen. Vervolgens kreeg je een bonnetje overhandigd waarop stond dat je betaald had voor het busje thee en moest je aansluiten in de volgende rij om je busje thee in ontvangt te kunnen nemen. Na een uur of drie kon je dan het pand verlaten met een busje thee in je hand. Het leek verdomme wel de telefonische klantenservice van een willekeurig Nederlands bedrijf. Om knettergek van te worden.

Ja, de marxistische dialectiek kon Sepp Sanders prima volgen. Het was een sluitend systeem met een interne logica waar goed over was nagedacht.

De vastgoedwereld waar hij zelf in verkeerde kwam op Sepp Sanders veel transparanter en in ieder geval eenvoudiger over. Je kocht een gebouw voor bijvoorbeeld een ton en verkocht datzelfde gebouw een tijdje later voor het dubbele bedrag door. Sepp Sanders had altijd gevonden dat werken niet veel beter of simpeler kon zijn dan dat. Je werd er niet vies van. Je verdiende gratis geld. En omdat je veel geld had kon je alles maken, alle vrouwen krijgen die je maar wilde en overal naartoe gaan op vakantie.

Wat kon Sepp Sanders zich toch laten meeslepen door zijn gedachten. Waarom had hij  geen betere oplossing voor zijn schoeisel kunnen verzinnen, waarbij hij met zijn voeten in zijn sneakers op de heenweg Checkpoint Charlie had kunnen passeren? Het had echter geen zin om daar nu nog over lopen te mekkeren. Er was geen betere oplossing geweest, dus nu had hij geen andere keus dan in zijn eentje, gekleed in een felgeel polyester trainingspak van het merk Adidas met daaronder Oost-Duitse uniformlaarzen, de grensovergang Checkpoint Charlie te gaan betreden.

Door de dood van Mario Bos voelde Sepp Sanders een grote, bodemloze, eindeloze, hopeloze leegte in zijn ziel. Alsof het hem niet eens zou interesseren als hij bij Checkpoint Charlie zou worden opgepakt en vlak daarna zou worden geëxecuteerd vanwege spionage, oplichting, huisvredebreuk, het ongeoorloofd betreden van de Vorbunker en de Führerbunker, het vernielen van meubilair dat ongetwijfeld als staatseigendom te boek stond, pissen op de meubels van de Führer, ach de lijst van overtredingen waar hij de doodstraf voor kon krijgen was eindeloos. Hij voelde zich voor Schwanz lopen op weg naar de galg. Waarom had hij niet het brein en de mogelijkheden van mensen zoals James Bond, Jack Reacher en Jason Bourne? Al was het niet helemaal eerlijk om zichzelf langs dezelfde meetlat te leggen als die drie superhelden van het grote doek. Sepp Sanders voelde zich een loser eerste klas, die ….

‘Halt! Stehen bleiben! Hände hoch! Schnell,’ hoorde hij opeens achter zich roepen. In een reflex wilde hij het op een sprinten in de richting van de vrijheid zetten, maar toen hij van achteren door twee paar laarzen tegen de grond gewerkt werd, wist hij dat de kans groot was dat er voor hem geen hoop op een nieuwe ochtend was.

Nieuwe hoofdstukken van dit feuilleton verschijnen elke zondag als eerste op thrillerlezers.nl.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s