Alle dagen feest, indien mogelijk in het leven

Afbeeldingsresultaat voor remco campert

We studeerden fulltime Geschiedenis aan de VU en dat betekende dat we per week 12 uur naar college dienden te gaan. De volle twaalf uur haalden we nooit. We sporten veel, voetbal en hardlopen, lazen een boek of twee per week en gingen verschrikkelijk veel uit, waardoor er in ons leven veel sprake was van one-night-stands en dronkenschap. “We” waren Bram Schaarman en ik. Of heette hij Schareman? Jaren later kon ik hem op internet nooit vinden. Was hij ergens in de tijd gestorven? Geen idee.
Op een dag in het jaar 1985 las ik op een poster in de stad dat de schrijver en dichter Remco Campert op 14 maart 1985 in de Bijenkorf te Amsterdam geïnterviewd zou worden op de boekenafdeling van het warenhuis en dat er daarna gelegenheid was om een boek te laten signeren door de schrijver zelf. Een moment dat niemand wilde overslaan.
Remco Campert toonde zich tijdens het goed bezochte interview nerveus en tobberig in de Bijenkorf van Amsterdam. Hij rookte als een ketter, waarbij zijn handen en vingers trilden. Zijn lippen waren nat en zijn blik was gejaagd. Het leek me sterk dat deze man de zestig zou halen.
Toen ik een klein half uur later aan de beurt was om het boek “Campert Compleet,” zeg maar alle verzamelde verhalen in een bundel, door Remco Campert te laten signeren vroeg hij “of ik er iets in wilde.” Ik haalde mijn verlegen schouders op en zei niks. Campert voorzag de Franse pagina van het boek van handtekening, plaats en datum, overhandigde mij het boek en ging door naar de volgende persoon in de rij, Bram Schaarman (of Schareman). “Wil je er iets in?” vroeg Remco Campert nu ook aan Bram Schaarman of Schareman, daar wil ik nu vanaf zijn. “Ja, dat is goed,” zei Bram en Remco Campert sloeg “Campert Compleet” ergens aan het begin van het boek open. “Alle dagen feest” stond er op de pagina. Remco Campert schreef schijnbaar zonder nadenken of pauze in zijn handelingen onder: “Alle dagen feest”: “Indien mogelijk in het leven.” Ik voelde mij jaloers. Hij wel een opdracht en ik niet. Daarna besloot Remco Campert de signeersessie met Bram met het schrijven van zijn naam, de datum en de locatie in Bram’s exemplaar van “Campert Compleet” onder de geschreven woorden.
En hij leefde nog lang en gelukkig.

Pech

Mij zat altijd alles tegen. Mijn ouders waren jong gestorven, maar hadden mij geen geld nagelaten. Mijn lieve kleine zusje was in de prostitutie beland. Ik was zo lelijk als de nacht, achttien en maagd. Ik was van de mavo afgetrapt en werkte als vakkenvuller in de lokale Spar, waar een bloedhond van een bedrijfsleider mij het leven zuur maakte.

Op een mooie lentedag toog ik naar het spoor om voor de eerste de beste trein te springen. Ik wist niet dat er juist die dag een landelijke spoorwegstaking gehouden werd. Na twee uur dralen op het spoor besloot ik toch maar naar mijn werk te gaan. Ik werd ontslagen omdat ik veel te laat op mijn werk verschenen was.

Deze 120 woorden verschenen op 15 januari 2019 voor het eerst op 120w.nl.

Is dit alles

Ik herinner het mij als de dag van gisteren, maar het spannende verhaal dat ik jullie ga vertellen vond plaats aan het eind van de jaren tachtig van de twintigste eeuw, op de kruising van het Rokin en de Langebrugsteeg in Amsterdam, vlakbij het Ruiterstandbeeld Koningin Wilhelmina.

Ik stond te wachten op het moment dat ik over kon steken, met mijn fiets aan de hand, toen Henny Vrienten, voorman van de in Nederland wereldberoemde band Doe Maar, naast mij tot stilstand kwam om hetzelfde te doen. Op het moment dat wij dachten dat we konden oversteken werden we afgesneden door een enorme vrachtwagen van de Aldi die naar rechts afsloeg. Henny Vrienten maakte verontwaardigd oogcontact met mij en zei: “Nou,nou.”

Deze 120 woorden verschenen op 11 januari 2019 voor het eerst op 120w.nl.

Literair alarm: laatste voorraad eerste druk Kathmandu Hipsters verdwenen!

Naar nu blijkt is eind december de laatste voorraad van de eerste druk van de debuutroman van Peter Mabelus, Kathmandu Hipsters, plotseling verdwenen. Er werden snel extra exemplaren van Kathmandu Hipsters bijgedrukt om aan de niet aflatende vraag te voldoen, maar in de haast is er op de achterflap wel een kleine fout uit de tekst gehaald, maar is er in het boek geen sprake van een vermelding van een tweede of gecorrigeerde extra eerste druk. Dit betekent vanzelfsprekend dat er voor verzamelaars zich een interessant detail voordoet bij het bijdrukken van exemplaren van Kathmandu Hipsters, zonder dat daar melding van wordt gemaakt.

“Dit geval is uniek in de Nederlandse letteren,” aldus Cor Densius van antiquariaat ZZok uit boekenstad Deventer. “De echte fans van Peter Mabelus zullen toch alle twee de exemplaren van de eerste druk van Kathmandu Hipsters willen hebben. En dan heb je natuurlijk altijd de categorie van hebberige verzamelaars, die boeken slechts kopen om met winst te verkopen. Dat soort handel heeft altijd met de waan van de dag en de wereld als markt en strijd te maken.”

Een paar feiten zijn nu duidelijk: een eerste druk van Kathmandu Hipsters is sowieso geld waard, maar de “verbeterde” eerste druk is al snel verworden tot een “must have.”

Op naar de echte tweede druk van deze fantastische roman. Boeken zijn er om gelezen te worden.

Hoe ik liefde vergat te geven

In de lente van 1997 voelde ik me zo vrij als een vogel die nog nooit een ei uitgebroed heeft. Ik had het gevoel dat ik onsterfelijk was, maar had alleen maar naar mijn hartslag hoeven luisteren om te weten dat tijd weg en niet naderbij tikt.

Als ik nu terugkijk op mijn carrière als angry young man zie ik mezelf als iemand die denkt dat hij het wiel nog moet uitvinden terwijl hij op het dak van een postkoets door de wereld raast. Als een hemelbestormer, die niet weet dat het heelal oneindig is. Als een kuiken dat staart naar de resten van de gebroken eierschaal waar hij zojuist uitgekropen is en denkt dat hij het ei van Columbus heeft ontdekt.

Mijn maandenlange eenzame trektocht door de Himalaya had meer weg gehad van een no budget dan van een low budget vakantie. Lopend door de droge bedding van de Kali Gandaki rivier in het hart van Nepal had ik vol ontzag gekeken naar de toppen van het Annapurna massief, die ruim vijf kilometer hoger boven mij uittorenden. Hoewel ik mij moest haasten om voor zonsondergang een veilige slaapplaats te vinden had ik het gevoel alsof de tijd stilstond.

De middag voordat ik vanaf Tribhuvan International Airport van Kathmandu terug zou vliegen naar Amsterdam stond ik boven op “Bouddhanath,” één van de grootste antieke stoepa’s in Zuid-Azië, die ligt in de wijk Bouddah en onderdeel uitmaakt van een boeddhistisch tempelcomplex dat is gebouwd aan een oude handelsweg naar Tibet.

Terwijl ik bovenop de stoepa stond om foto’s te maken van de omgeving werd ik benaderd door een goed uitziende jonge Nepalese vrouw van een jaar of achttien. Zij straalde kracht, schoonheid, optimisme en oprechtheid uit. Zij leek meer op een student geneeskunde dan op één van de talloze uitgebluste bedelaars, die mij al maandenlang leken te achtervolgen. In perfect Engels vroeg zij mij om geld, als bijdrage voor een relatief goedkope oogoperatie die haar voor blindheid moest behoeden.

Wat mij betreft was mijn reis voorbij. Ik voelde mij in bijna elk opzicht verzadigd en had vooral genoeg van het gebedel dat mij als een bijna continue herhaald mantra door Azië vergezeld had.

‘Ik kan niet iedereen helpen,’ zei ik tegen de jonge Nepalese vrouw. Ik klonk botter en arroganter dan mijn bedoeling was. Ik vermeed oogcontact met haar te maken.

‘Je hoeft niet iedereen te helpen. Maar je kunt mij toch helpen?’ zei de jonge Nepalese vrouw.

Ik wist me geen houding te geven en daalde zonder afscheid te nemen de Bouddhanath af. Op weg naar mijn laatste nacht in de stad. Ik voelde mij laf, lui en slecht. Gelukkig was ik alleen.

Op het moment dat ik de stoepa was afgedaald keek ik nog één keer achterom. De jonge Nepalese vrouw was nergens meer te zien.

Tot mijn grote verbazing zag ik dat het “Derde Oog,” in het midden van het voorhoofd van de Boeddha, dat het hoogste punt van de Bouddhanath vormde, zich niet boven – zoals gebruikelijk is bij het Derde Oog – maar onder het punt tussen de wenkbrauwen bevond. Ik kon deze “vergissing” niet duiden.

Het Derde Oog, de “Ajna Chakra,” staat voor oplettendheid en bewustzijn en betekent “weten” in het Sanskriet. Zou de verkeerde locatie van het Derde Oog op de Bouddhanath een aanwijzing zijn dat er iets grondig mis was met mijn karma?

Mijn laatste avond in Kathmandu bracht ik door op het dakterras van Hotel Horizon, een eenvoudig hotel in het midden van de wijk Thamel, waar duizenden backpackers exotische souvenirs kopen en hun bord dal bhat wegspoelen met een grote fles Everest Premium Lager.

Ik bevond mij in het gezelschap van de Japanse student kunstgeschiedenis Tori Seibetsu. Tori Seibetsu vertelde mij dat Tori “vogel” in het Japans betekent.

Tori Seibetsu zou net als ik de volgende ochtend naar huis vliegen. Zij naar Kobe, ik naar Amsterdam. Tori Seibetsu moest al voor acht uur de volgende ochtend op het vliegveld zijn. Mijn vlucht zou vier uur later vertrekken.

Nadat we samen een fles raksi, een lokale sterke drank, leeggedronken hadden, belandden we nog voor tien uur ’s avonds in het bed van mijn hotelkamer.

Toen ik de volgende ochtend om zes uur wakker werd met een houten kop was de vogel gevlogen.

Ik voelde mij een hufter, omdat ik de vorige middag de jonge Nepalese vrouw geen bijdrage voor haar relatief goedkope oogoperatie gegeven had.

Waarom had ik mij niet aan één van de belangrijke Joods orthodoxe chassidische wetten gehouden: “Wie één mens redt, redt de hele wereld.”

Op pagina 5 van Ambiflits nummer 11 van november 2018 van uitgeverij Ambilicious staat het verhaal “Hoe ik liefde vergat te geven.” Het verhaal werd eerder op 4 juli 2017 gepubliceerd op hoemannendenken.nl en staat genomineerd om op te worden genomen in de verhalenbundel “Vlekkeloos” die op de rol staat voor mei 2019.

 

 

KATHMANDU HIPSTERS IS HET BOEK VOOR DE FEESTDAGEN!

Pieter Waterdrinker: “Ik heb het boek mogen lezen in manuscript. Van harte aanbevolen!”

Mili van Veegh: “Een intelligent werk dat de lezer hoe dan ook weet te beroeren en waarin de passie voor het schrijven zindert.”

Veronique Janssen: “Kathmandu Hipsters bevat mooie zinnen en beschrijvingen en is heel spannend!”