Gaykrant, 27 juni 2022: ‘Slaaf van het ritme. Een nacht met Grace Jones’

Nadat ik in de zomer van 1985 mijn propedeuse Geschiedenis aan de Vrije Universiteit van Amsterdam had gehaald besloot ik een tussenjaar te nemen met bestemming Manhattan, New York.

In de middag van dinsdag 23 juli 1985 arriveerde ik in ‘the city that never sleeps’ en betrok een kamer in het HI New York City Hostel aan 891 Amsterdam Avenue, ter hoogte van West 103rd Street, op een steenworp afstand van Central Park.

In mijn handbagage bevond zich een grijsgedraaid exemplaar van Nightclubbing, het succesvolle album uit 1981 van het door mij mateloos bewonderde topmodel, zangeres en actrice Grace Jones.

Ik had mijn verblijf in Manhattan grondig voorbereid. Onder het motto dat brutalen in het bezit zijn van de halve wereld stuurde ik twee maanden voor mijn vertrek naar Amerika een brief naar de wereldberoemde kunstenaar Andy Warhol. Zijn immense studio The Factory bevond zich in die tijd aan 22 East 33rd Street, letterlijk in de schaduw van het Empire State Building.

Ik was al jaren op de hoogte van het feit dat Grace Jones en Andy Warhol een zeer intieme vriendschap onderhielden. Eerlijk gezegd was het vooruitzicht van een ontmoeting met mijn grootste idool de belangrijkste reden geweest om Andy Warhol mijn diensten aan te bieden.

In mijn sollicitatiebrief had ik Warhol afgeschilderd als ‘de grootste kunstenaar aller tijden’, en vermeld dat ik het een grote eer zou vinden om een tijd als vrijwilliger in zijn Factory te mogen werken. Binnen twee weken ontving ik een brief van Andy Warhol zelf waarin stond dat ik van harte welkom was.

Op woensdagochtend 24 juli 1985 ging ik voor het eerst naar mijn werk. Toevallig kwamen Andy Warhol en ik tegelijkertijd aan bij The Factory. Nadat ik mijzelf aan Warhol had voorgesteld omhelsde hij mij en zei: ‘Oh Peter, it’s so great that you’re here. We have so much work to do.’

Die eerste dag gaf Andy Warhol mij een rondleiding door het hele gebouw. Daarna liet hij mij vrij door alle vertrekken dwalen, ‘to breathe the art,’ zoals hij het treffend verwoordde.

Tijdens de lunch op de eerste dag van mijn nieuwe baan zat ik, behalve met Andy Warhol, aan tafel met de jonge, wereldberoemde beeldende kunstenaars Keith Haring en Jean-Michel Basquiat. Tot mijn grote vreugde bevond ook Grace Jones zich in ons gezelschap. Haar charismatische, androgyne, beeldschone, ebbenhouten aanwezigheid was net zo overdonderend als haar sensuele, lage stemgeluid.

Achteraf gezien is het verbijsterend om te beseffen dat in de paar jaren na mijn verblijf in The Factory achtereenvolgens Andy Warhol (22 februari 1987), Jean-Michel Basquiat (12 augustus 1988) en Keith Haring (16 februari 1990) het leven lieten.

Grace Jones bleek tijdens mijn eerste lunch in The Factory bijzonder gecharmeerd te zijn van mijn jeugdige persoonlijkheid. Ik was smoorverliefd op een vrouw die ruim zeventien jaar ouder was dan ik.

Grace Jones vertelde mij dat ze de volgende dag weer in The Factory zou verschijnen. Bij die gelegenheid liet ik mijn exemplaar van Nightclubbing door haar signeren.

Op zaterdag 14 september 1985 zou er in de Tony Shafrazi Gallery, destijds gelegen aan 544 West 26th Street in de kunstenaarswijk Chelsea, een gezamenlijke tentoonstelling Paintings worden geopend van Andy Warhol en wonderkind Jean-Michel Basquiat. Veel kunstwerken die op de tentoonstelling te zien zouden zijn moesten nog worden gemaakt en mij werd in de periode in aanloop naar de tentoonstelling geleerd hoe ik verf moest mengen, doeken moest spannen en zelfs met een verfroller de ondergrond van veel schilderijen in mocht kleuren.

Op de dag dat de tentoonstelling Paintings opende vond er in de avond een zeer onstuimige afterparty plaats in een aparte zaal van de beroemde nachtclub Studio 54. Er waren drugs in alle kleuren van de regenboog voorradig en oogverblindende, zeer schaars geklede paaldansers en danseressen zorgden voor een hitsige en opgewonden sfeer.

Rond een uur of vier in de ochtend stond ik op de dansvloer te tongzoenen met Grace Jones. Een half uurtje later werden wij door een limousine afgezet bij het Plaza Hotel. Dat ik het bed zou gaan delen met mijn grootste idool maakte mij haast krankzinnig van geluk.

Binnen een paar minuten lagen we in ons 50.000 dollar kostende Monarch Vi-Spring Bed op de 17e verdieping van het Plaza Hotel. Als we onze ogen van elkaar af hadden kunnen houden zouden we uit het raam een in diepe duisternis gehuld Central Park kunnen bewonderen.

Nadat wij ons beiden hadden uitgekleed en ons gretig op elkaar stortten kwam ik erachter dat Grace Jones in het bezit was van een enorm mannelijk geslachtsdeel. Ik schrok mij rot. Vervolgens barstte ik in hysterisch lachen uit.

Hoe had ik zo naïef kunnen zijn! Grace Jones was immers de tweelingzus van Christian Jones. Ik had echter nooit geweten dat Grace en Christian Jones werkelijk als twee druppels champagne op elkaar leken. Ook was het mij tijdens de afterparty in Studio 54 niet opgevallen dat naast Grace Jones ook Christian Jones aanwezig was.

Nadat ik een beetje tot mijzelf was gekomen maakten Christian en ik er een wilde nacht van.

Schrijver Peter Mabelus wordt door zijn vrienden nogal eens gekscherend ‘De Forrest Gump van de Lage Landen’ genoemd, naar de gelijknamige hoofdpersoon – gespeeld door Tom Hanks – van de met maar liefst zes Oscars bekroonde verfilming van het gelijknamige boek van Winston Groom uit 1985.

Net als Forrest Gump lijkt Peter Mabelus toevallig, maar soms ook op eigen initiatief, telkens in contact te komen met personen die een cruciale rol hebben gespeeld, of spelen, in de (inter)nationale wereld van politiek, literatuur, film, muziek, georganiseerde misdaad en kunst.

Van Jan Wolkers tot Prins Bernhard Junior, van Donald Trump tot Hollywoodsterren als Donald Sutherland en Dennis Hopper en rocksterren als Bob Dylan en Billy Preston, de stoet van beroemdheden, waar Peter Mabelus vaak ook nog een innige vriendschap mee opbouwt, lijkt eindeloos.

In zijn vierde boek, de bundel ‘Van Kluun tot Clinton’ (2022) zijn tientallen reportages opgenomen waarin Peter Mabelus op zijn bekende, hilarische wijze verslag doet van zijn “ontmoetingen” met een aantal Groten der Aarde.

Peter Mabelus publiceerde eerder de literaire thriller ‘Kathmandu Hipsters’ (2018), de verhalenbundel ‘Hoe ik liefde vergat te geven’ (2019) en de schelmenroman ‘John West en de gestolen Picasso’ (2021).

De boeken van Peter Mabelus zijn overal verkrijgbaar. Koop zijn boeken bij de lokale boekhandel en niet bij een moloch als je weet wel. Voor een gesigneerd exemplaar met opdracht kun je een mail sturen naar de auteur: petermabelus@gmail.com.

2 thoughts on “Gaykrant, 27 juni 2022: ‘Slaaf van het ritme. Een nacht met Grace Jones’

Laat een reactie achter op Peter Mabelus Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s