Onbekend's avatar

De varkensflat is de woning van de toekomst

Ouder worden heeft ontzettend veel voordelen. Nu Ik de vijftig ruimschoots ben gepasseerd ben ik in het bezit van een dikke pens, een kunstgebit en mijn kapsel lijkt op een versleten vogelnestje. Nu even minder cynisch: mijn koophuis is voor het grootste deel afbetaald en door de jaren heen in waarde drie keer over de kop gegaan, mijn derde vrouw ziet er best leuk uit voor een vrouw van in de veertig en de vijf kinderen uit mijn twee vorige huwelijken zijn inmiddels allemaal min of meer zelfstandig, hebben een fatsoenlijke baan of studeren eindelijk op hun eigen kosten. De jaren dat mijn halve salaris opging aan de hedonistische levensstijl van een handvol pubers die te lui was om te werken ligt gelukkig achter mij.  

De grootste voordelen van ouder worden zijn, wat ik zou willen noemen, de voortschrijdende wijsheid, kennis en levenservaring die mijn levenspad sieren. Zo hoorde ik als puber al extreemrechtse politici roepen dat “Nederland vol is”. Daarmee werd vooral bedoeld dat immigranten buiten de grenzen moesten worden gehouden, omdat ze er achterlijke godsdiensten en vrouwonvriendelijke middeleeuwse leefgewoonten op nahielden, maar vooral dat ze onze huizen, banen en vrouwen zouden afpakken.  

Ik begreep destijds nooit iets van die uitspraak. Als ik op weg naar mijn grootouders, onderweg van Alkmaar naar Goes, vanaf de achterbank van de auto van mijn ouders naar buiten keek, zag ik onderweg vooral heel veel praktisch lege weilanden met daarin hier en daar grazende koeien en paarden. “Hoezo is Nederland vol?” dacht ik dan. Aan de horizon was regelmatig de torenspits van een kerk te zien. De kerken liepen overigens vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw massaal leeg. In die kerken kon het dus ook onmogelijk “vol” zijn.  

Dan te bedenken dat Nederland veertig jaar geleden slechts 14,1 miljoen inwoners telde, tegen 17,4 miljoen inwoners vandaag de dag. Het aantal huishoudens steeg in deze periode volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek, vooral door de alsmaar toenemende individualisering, van ongeveer 4 miljoen in 1980 naar een kleine 8 miljoen nu. Bijna een verdubbeling in veertig jaar tijd. 

In het jaarlijkse rapport van het ministerie van Binnenlandse Zaken dat deze week verscheen valt te lezen dat er de komende tien jaar nog eens 845.000 woningen bij moeten komen om te voorkomen dat het woningtekort verder oploopt: “Er is nu een tekort van 331.000 huizen, 4,2%van de woningvoorraad. Het doel is om dit te verkleinen naar 2% in 2035. Dat jaar telt Nederland vermoedelijk ongeveer 18,8 miljoen inwoners, dus de vraag naar woningen zal verder stijgen.”  

Ondertussen slaagt men er dit jaar en de komende jaren niet in om aan de jaarlijks gewenste hoeveelheid nieuwbouwwoningen te komen. Redenen hiervoor zijn onder andere de steeds strengere milieueisen waaraan de nieuwe woningen moeten voldoen, alsmede de nieuwe economische crisis als gevolg van het coronavirus. 

Er blijft hoop voor mensen zonder fatsoenlijke woning. Net zoals veel kerken inmiddels zijn omgetoverd tot multi-functionele kantoorruimten kunnen we ook profiteren van het feit dat er steeds minder vlees gegeten wordt in Nederland. Op dit moment telt Nederland nog ruim twaalf miljoen varkens, waarvan de meesten in varkensflats in Noord-Brabant “wonen”. Het is niet ondenkbaar dat over een paar jaar vele duizenden inwoners van Nederland zullen vechten om een penthouse in een voormalige varkensflat. Dan is het probleem van de woningnood in het steeds vollere Nederland eindelijk opgelost. 

“De varkensflat is de woning van de toekomst” stond op 18 juni 2020 als eerste op hoemannendenken.nl, de enige site vóór vrouwen, dóór mannen.

Onbekend's avatar

“What doesn’t kill you simply makes you stranger,” of “De kracht van persiflage” 

Jaren voordat ik filosofie ging studeren kwam ik met enige regelmaat de uitspraak “What doesn’t kill you makes you stronger” tegen. De betekenis van deze uitspraak leek mij niet erg ingewikkeld: elke vorm van tegenslag, die je niet het leven kost, zal uiteindelijk tot loutering en eventueel ook meer inzicht en wijsheid kunnen leiden.

Dit mag in veel opzichten het geval zijn; bij het genezen van een ernstige ziekte, het overleven van een vliegramp, of het overkomen van liefdesverdriet nadat een nymfomane “femme fatale” je in de steek heeft gelaten. “What doesn’t kill you makes you stronger” kan echter geen feit genoemd worden en is in essentie niet meer dan een loze kreet.

Stel dat je om wat voor reden dan ook op een zeker moment van je zicht, gehoor, smaak en reuk wordt beroofd. Laten we er voor de duidelijkheid van mijn betoog ook maar van uitgaan dat al je ledematen worden geamputeerd en al je vrienden en familie worden vermoord. Het mag duidelijk zijn dat je nog leeft, maar of je van al de doorstane ellende sterker geworden bent is zeer de vraag.

Tijdens mijn studie filosofie kwam ik erachter dat de uitspraak “What doesn’t kill you makes you stronger” aan de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche (1844-1900) wordt toegeschreven: “Was mich nicht umbringt, macht mich stärker,” (in zijn “Götzen-Dämmerung – oder – Wie man mit dem Hammer philosophirt (Afgodenschemering), Leipzig: Verlag von C. G. Neumann, 1889, Sprüche und Pfeile). In zijn autobiografische boek “Ecce homo” (ook verschenen in 1889) licht Nietzsche zijn uitspraak toe: “De mens bedenkt remedies voor verwondingen; hij weet hoe hij ernstige ongevallen in zijn eigen voordeel kan omzetten; dat wat hem niet doodt, maakt hem sterker.” Zoals ik hierboven uiteengezet heb is deze toelichting van Nietzsche op geen enkele manier overtuigend te noemen.

Met de magere uitleg van Nietzsche zelf zou je de discussie over de betekenis van een van de meest uitgekauwde clichés van de laatste 120 jaar als afgesloten kunnen beschouwen.

In 2008 kwam Christopher Nolan’s bioscoopfilm “The Dark Knight” uit, het tweede deel van Nolan’s Batman-trilogie. In “The Dark Knight” wordt het demonische clownspersonage “The Joker,” die je met een gerust hart de personificatie van het kwaad en de chaos kunt omschrijven, gespeeld door de Australische acteur Heath Ledger (1979-2008).

De film is nog maar enkele minuten bezig als “The Joker” tijdens een bankoverval in het hart van Gotham City één voor één zijn medeclowns neerschiet, waarop de bankdirecteur, die uitgeschakeld en in doodsangst op de grond ligt, aan “The Joker” vraagt waar hij in gelooft. “The Joker” stopt een granaat in de mond van de bankdirecteur onder het uitspreken van de woorden: “What doesn’t kill you simply makes you stranger.” Aan de pin van de granaat is een paarse draad bevestigd die vastzit aan het colbert van “The Joker”. De bankdirecteur is in totale paniek. Zijn ogen schieten schichtig alle kanten op. “The Joker” bijt hem toe: “Why so serious?” loopt weg van de bankdirecteur, stapt in een schoolbus met daarin de buit van de bankoverval en rijdt weg. Vanzelfsprekend wordt op hetzelfde moment de pin uit de granaat getrokken die zich in de mond van de in totale paniek verkerende bankdirecteur bevindt. De granaat ontploft echter niet; er spuit slechts roodkleurige rook uit de granaat. Einde scène. De vraag is of je na een dergelijke traumatische gebeurtenis “stronger” of “stranger” wordt.

Wat mij betreft is deze uitwerking van de persiflage op de uitspraak van Nietzsche heel wat filosofischer van aard dan de woorden van Nietzsche zelf.

Onbekend's avatar

Jan Wolkers in het Amerikaans is fantastisch!

Geen fotobeschrijving beschikbaar.

Laatst las ik de in 2017 verschenen nieuwe Engelse, of ik kan beter zeggen Amerikaanse, vertaling van Jan Wolkers’ roman ‘Turks Fruit’ (1969), door de Amerikaanse vertaler Sam Garrett. In de Verenigde Staten werd ‘Turkish Delight’ uitgegeven door Tin House Books/Portland, Oregon & Brooklyn, New York. Te koop voor $ 15.95.

Het is een schitterende vertaling geworden, waarbij het soms lijkt of je in het beste werk van de door Jan Wolkers zelf zo bewonderde Amerikaanse schrijver Raymond Chandler terecht bent gekomen. Oordeel zelf:

Eerst het begin van het eerste hoofdstuk van ‘Turks Fruit’, ‘Een scheerpan vol lof’ in vertrouwde taal:

“Ik was aardig in de rotzooi terechtgekomen nadat ze bij me weggegaan was. Ik werkte niet meer, ik at niet meer. Ik lag de hele dag tussen mijn vuile lakens en plakte foto’s en naaktfoto’s van haar vlak bij mijn gezicht zodat ik op den duur haar dik onder de rimmel zittende oogharen dacht te zien bewegen als ik me aftrok. En haar lippen vol te zien worden en vochtig naar buiten gekruld, en de geluiden te horen als ze klaarkwam, heftig als in het begin, toen ze nog niet geleerd had het genot voor zichzelf en mij te houden maar het wel de hele wereld in wilde schreeuwen, waardoor een buurvrouw aan haar vroeg: ‘Wat doet hij toch met je?’ En een buurman tegen mij zei: ‘Het lijkt wel of jullie een nest jonge honden in huis hebben.”

Dezelfde tekst in de vertaling van Sam Garrett. Het eerste hoofdstuk heet nu ‘A Shaving Pan Full of Chicory’:

“I was way down in the dumps after she left me. I stopped working, I stopped eating. I spent all day between my filthy sheets and glued nude photos of her up close to my face at the head of the bed, so after a while I started thinking I could see her thick-mascaraed lashes quiver when I jerked off. And see her lips swell and part, and hear the sounds she made when she came, wild like in the beginning, before she learned to keep the pleasure to herself and to us but just screamed it out for all the world to hear, so that a neighbor lady once asked her: ‘What’s he do to you, anyway?’ And the guy next door said: ‘It sounds like you two are running a puppy farm in there.’

Onbekend's avatar

Hoe mijn romanpersonage John West alle coronaregels aan zijn laars lapt!

In november komt mijn nieuwe literaire thriller ‘John West en de gestolen Picasso’ uit. Tot mijn verbijstering blijkt dit personage, in mijn roman een privé-detective, afgelopen weekeinde in de gedaante van een tweederangs volkszanger het landelijke nieuws te hebben gehaald. Tijdens een optreden van John West in een Van der Valk-hotel in Tiel werd massaal de anderhalve meter maatregel genegeerd. Groot nieuws voor intellectuele media als De Telegraaf, RTL-Boulevard en Shownieuws.
Die John West toch. Straks wordt er nog vis uit blik naar hem vernoemd.
Bizar: massaal feest bij Van der Valk gefilmd
Onbekend's avatar

We vergeten Mathieu niet

Lieve Mathieu. Je hebt jouw sporen nagelaten. Niemand van ons zou hier vandaag geweest zijn als jij niet geboren was op 22 september 1966. Niemand van ons zou hier vandaag geweest zijn als jij op maandagmiddag 5 juni 2017 niet een daad had verricht waarvan de consequentie het tegenovergestelde was van wat je altijd hebt gedaan: leven. Maar wij zijn hier vooral bij elkaar omdat je op een gegeven moment in ons leven bent verschenen. 

Je leefde met een mateloze levenslust, een tomeloze energie en een niet te bevredigen nieuwsgierigheid. Of het nu ging om muziek, literatuur, beeldende kunst, politiek, geschiedenis, filosofie, het ontmoeten van nieuwe mensen of het reizen naar nieuwe landen op onze prachtige aarde, je leefde met een intensiteit alsof jouw leven ervan afhing. 

Het leven was voor jou een magisch spel met onbegrensde mogelijkheden, waarbij je bereid was om veel grenzen op te zoeken, en nog liever, grenzen te overschrijden. Je leefde vaak met de intensiteit van een komeet die voorbijvliegt. Jouw tempo was niet voor iedereen te volgen. Veel mensen liet je met een open mond van verbazing achter om ze vervolgens weer bij de hand te nemen en te laten delen in al het moois dat je op jouw levensweg tegenkwam. 

Je was een enthousiasmerende charmeur. Zorg voor anderen was voor jou een vanzelfsprekendheid. Jouw behoefte om gekend en gezien te worden was groot. Jij zette het leven het liefst naar jouw hand. En het leek of zelfs muziekinstrumenten waar je nog nooit op gespeeld had openstonden voor jouw enthousiasme. Jij kon je zonder een spoor van schaamte op een piano of gitaar storten om daar vervolgens binnen enkele minuten mooie geluiden aan te ontfutselen. Alleen het feit dat je niet kon zingen moet je weerhouden hebben om een zangcarrière na te streven. 

Je had vrienden over de hele wereld en in je meest wilde jaren in elk stadje een ander schatje. Jouw lach was nooit ver weg. Het leven was toch een spel met onbegrensde mogelijkheden? 

In de herfst van 2014 verloor je de macht over het stuur van jouw leven. Je was de regie kwijt en moest in wilde en blinde paniek toezien hoe je steeds verder van het juiste pad werd gesleurd. Jouw val leek eindeloos te duren en niemand was in staat om zijn handen naar je uit te strekken en je te redden. Je kon jezelf niet helpen. Wij konden jou niet helpen. 

Na een dollemansrit die bijna twee jaar duurde zag je tot jouw grote opluchting de weg die jij verlaten had weer voor je opdoemen. De redding leek nabij. Een opening naar de toekomst werd zichtbaar. Je deed er alles aan om weer op het juiste spoor te komen. Er was uitzicht op herstel en jouw handen klemden zich om het stuur van jouw leven met een wilskracht waarvan je niet meer wist dat je die nog in je had. De juiste weg kwam dichter en dichterbij. De liefde kwam terug in jouw leven in de persoon van Radia. Jouw levenslange wens om vader te worden kreeg gestalte. Jullie dochter Mara werd geboren. Maar je wantrouwde de nieuwe mogelijkheden die het leven je bood. Je durfde bijna niet te geloven dat je na een jarenlange ontsporing de controle terugkreeg over jouw leven. Je wantrouwde de redding die zo nabij leek. Was je onderweg naar beneden niet te veel beschadigd? En had je zelf niet te veel stuk gemaakt? Was geluk nog voor je weggelegd? 

Je twijfelde of je de nieuw verworven verantwoordelijkheid wel aan zou kunnen. Het juiste pad kwam nog steeds dichter en dichterbij en jouw handen klemden zich vastberaden om het stuur van jouw leven tot jouw knokkels er wit van werden. Verloren gewaande vriendschappen en familiebanden werden nieuw leven ingeblazen en de handen die lange tijd machteloos naar je uitgestoken waren geweest konden je eindelijk weer bereiken. Je kwam voor iedereen die van je hield langzaam, beetje voor beetje, dichtbij genoeg om weer een helpende hand te kunnen bieden. Onzeker en bang probeerde je de helpende handen te pakken die je werden aangereikt. Was redding echt nabij? Kon je geloven wat je zag? 

Er leek sprake te zijn van een nieuwe toekomst met onbegrensde mogelijkheden. Maar vlak voordat je vaste grond onder je voeten bereikte gebeurde waar jijzelf en iedereen die van je houdt al die tijd bang voor was geweest: Je werd uit jouw nieuw herwonnen wankele evenwicht geslagen en verloor in één moment alles wat zo dichtbij had geleken. 

Machteloos moest je je overgeven aan het grote Niets waar verlangens en pijn niet meer bestaan. En iedereen die je had willen helpen redden was met stomheid geslagen. Je was in een vrije val beland en al onze armen bij elkaar waren niet in staat om nog langer te kunnen handelen. Niemand kan de zwaartekracht trotseren. Niemand is sneller dan het licht. 

We kijken met een verdoofd gevoel naar de sporen die je hebt nagelaten. Onuitwisbare sporen die een leegte en stilte achterlaten die alleen te vullen is met eindeloos veel herinneringen aan een komeet die voorbij gevlogen is. 

Vroeger noemden mensen een komeet een vallende ster. Wij zijn allemaal bedekt met de sterrenstof van jou. En ik weet zeker dat niemand de behoefte voelt om jouw sterrenstof van zich af te kloppen. 

Een week voor jouw dood spraken we elkaar voor de laatste keer. Jouw laatste woorden tegen mij waren: Peter, ik hou heel van jou. Mijn laatste woorden aan jou waren: Mathieu, ik hou ook heel veel van jou. Daarna verbraken wij de verbinding. Maar de verbinding die wij hier allemaal met jou voelen zal nooit verbroken worden. Mathieu, we houden allemaal heel veel van jou. Tot onze laatste snik. 

Onbekend's avatar

Boeken van Peter Mabelus eindelijk als e-boek verkrijgbaar!

Afbeeldingsresultaat voor kathmandu hipsters"

De pers over de literaire thriller ‘Kathmandu Hipsters’ (november 2018):

Pieter Waterdrinker: “Van harte aanbevolen!”

Mieke Wijnants: “Een onvervalste pageturner die een beroep doet op de spitsvondigheid van de lezer”

Mili van Veegh: “Het verhaal eindigt in een orgastische plot dat ik echt, maar dan ook echt niet, had zien aankomen”

Afbeelding kan het volgende bevatten: 2 mensen, tekst en buiten

De pers over de hartverscheurende verhalenbundel ‘Hoe ik liefde vergat te geven’ (september 2019):

NBD Biblion: “Mabelus is een woordkunstenaar van de puurste vorm”

Ema Sindelarova: “Mabelus maakt gretig gebruik van zijn eigen levenservaringen, voegt daar veel fantasie en kennis aan toe, kneedt dit geheel kundig tot een eenheid en voegt als specerijen de droge humor, absurdisme en cynisme toe”

Nathalie Lemaitre: “Het is een bundel die je leest. En herleest. En nogmaals herleest tot het boek uit elkaar valt, en je onmiddellijk een nieuw exemplaar gaat bestellen”

De titels ‘Kathmandu Hipsters’ en ‘Hoe ik liefde vergat te geven’ zijn bij elke webshop voor slechts 8,95 euro verkrijgbaar.

Onbekend's avatar

Vrij in een kooi

U.S. News | Latest National News, Videos & Photos - ABC News - ABC ...

Op 18 december 1865 werd de slavernij in de Verenigde Staten officieel afgeschaft. Dit betekende niet dat zwart en blank voortaan als gelijken door het leven gingen.  

De zuidelijke staten kwamen al snel met een verzameling wetten die het voor de zwarten onmogelijk maakte om van hun vrijheid en burgerrechten gebruik te maken.  

De zogeheten Jim Crow-wetten betekenden een formele rassenscheiding op werkelijk alle fronten van de maatschappij, zoals onderwijs en openbaar vervoer. 

“Black codes” waren wetten waarbij zwarten onder andere verplicht werden om te betalen of verplicht waren om het volkslied uit het hoofd te kunnen opzeggen voordat ze mochten stemmen 

Pas in 1965 werden bovengenoemde wetten onder federale druk afgeschaft, maar de apartheid blijft in de praktijk bestaan.  

 ‘Vrij in een kooi’ verscheen als eerste op 3 juni 2020 op 120w.nl. Weekwoord: “verzameling”.

Onbekend's avatar

Over de slang die in zijn eigen staart bijt

Zo werd Donald Trump rijk | Sprout

In de Verenigde Staten van Amerika is het recht op vrijheid van meningsuiting heilig. Daarom kan elke Amerikaan zijn woorden gebruiken om ongestraft iedereen te beledigen. U kunt hierbij denken aan een narcistische, racistische en seksistische vastgoedmagnaat die dagelijks mensen door het slijk haalt en daarnaast het hoogste ambt van zijn land bekleedt. 

Donald Trump zou in Europa dagelijks kunnen worden aangeklaagd wegens laster en smaad. In zijn eigen land is dit laatste onmogelijk en doet schelden nooit zeer. Het is daarom nogal ironisch dat juist president Trump per decreet wil laten onderzoeken of sociale media, die miljarden verdienen met een bombardement aan door algoritmes gestuurde gepersonaliseerde reclames, verantwoording moeten afleggen over wat gebruikers van hun platforms aan meningen verkondigen. 

Onbekend's avatar

Een goede journalist heeft zijn research op orde, maar Patrick van den Hanenberg niet

Afbeelding kan het volgende bevatten: 1 persoon, close-up, de tekst 'Patrick van den Hanenberg Het leven heeft geen zin, maar ik wel Leven en werk van Maarten van Roozendaal NIJGH NIH&VANDITMAR & VAN DITMAR'

In januari 2019 publiceerde de gerenommeerde uitgeverij Nijgh & Van Ditmar de eerste biografie van singer-songwriter Maarten van Roozendaal (1962-2013) ‘Het leven heeft geen zin, maar ik wel’, geschreven door Patrick van den Hanenberg.

Zelf ben ik geen groot kenner of bewonderaar van het werk van Maarten van Roozendaal, maar omdat ik dol ben op het genre biografie en nieuwsgierig was naar leven en dood van de “Nederlandse Jacques Brel” besloot ik laatst de door Patrick van den Hanenberg geschreven biografie van Maarten van Roozendaal te lezen.

Op de achterzijde van de biografie staat te lezen dat schrijver/journalist Patrick van den Hanenberg (1953) in het dagelijks leven docent geschiedenis is op Het Amsterdams Lyceum. Van 1988 tot 2017 schreef Patrick van den Hanenberg in de Volkskrant over cabaret, musicals en muziek. Tegenwoordig verschijnen zijn artikelen in Het Parool en De Theaterkrant. Van zijn hand verschenen een stuk of zes boeken over kleinkunst en cabaret.

Van een docent geschiedenis die geboren is in het jaar 1953 mag je verwachten dat hij een redelijk riant salaris krijgt. Zeker als hij zijn salaris aan kan vullen met het geld dat hij ontvangt voor het schrijven van artikelen in diverse kranten en bovendien boeken publiceert die worden gekocht in de boekwinkel en geleend in de bibliotheek. Toch kreeg Patrick van den Hanenberg van diverse kanten subsidie voor het schrijven van de biografie van Maarten van Roozendaal; hij ontving een financiële bijdrage van het Prins Bernhard Cultuurfonds en ook financiële steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten. Waarom geld geven aan iemand die geld genoeg heeft?

Bovenstaande informatie deed mij verwachten dat ik met een gedegen biografie te maken zou krijgen: een uitgeverij die in het verleden topredacteuren als Vic van der Reijt tot zijn stal mocht rekenen, een geschiedenisdocent met zo’n veertig jaar ervaring in het overbrengen van historische kennis, die bovendien decennialang artikelen en boeken heeft geschreven voor kwaliteitskranten en daarnaast voor het schrijven van de biografie van Maarten van Roozendaal ook nog twee grote zakken met geld kreeg van het Prins Bernhard Cultuurfonds en het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.

Biograaf/schrijver/journalist/geschiedenisdocent Patrick van den Hanenberg laat in zijn boek over Maarten van Roozendaal al snel zien over een fenomenale historische kennis te beschikken: op pagina 23 van de biografie valt te lezen dat de dan 7-jarige Maarten in 1969 op eigen verzoek een verzamel-cd van Ramses Shaffy cadeau kreeg. Wat moet de kleine Maarten onder de indruk zijn geweest van het feit dat hij een cd cadeau kreeg op het moment dat de rest van de wereld nog dertien jaar moest wachten op de eerste cd die door een compact disc speler kon worden afgespeeld. Toch mooi dat een biograaf met zakken vol subsidie en een groot hoofd vol feitenkennis bij het schrijven van zijn biografie de beschikking heeft over topredacteuren van een topuitgeverij. Stel je voor dat er een bizarre fout in de tekst terecht was gekomen? Dat zou toch te gênant voor woorden zijn geweest?

Het kan nog gekker: op pagina 137 en 138 kunnen we lezen dat Maarten van Roozendaal in 2002 op een feest van CNG, een groot ICT-bedrijf, heeft opgetreden in de Utrechtse Jaarbeurs. Bassist Egon Kracht, die Maarten van Roozendaal jarenlang muzikaal bijstond, weet zich die “verschrikkelijke dag” in 2002 nog goed te herinneren: “Ik heb nog nooit een zaal zo snel zien leegstromen. Achter ons stond Herman Brood met zijn band al klaar om het van ons over te nemen.” Blijkbaar is het topbiograaf en tophistoricus Patrick van den Hanenberg maar ook zijn topredacteur bij zijn topuitgeverij ontgaan dat Herman Brood een jaar eerder op 11 juli 2001 van het Amsterdamse Hilton Hotel zijn dood tegemoet sprong.

U begrijpt dat we met deze biografie van Maarten van Roozendaal ‘Het leven heeft geen zin, maar ik wel’ goud in handen hebben. Je mag betwijfelen of het net zo’n meesterwerk zou zijn geweest zonder diverse zakken subsidie.

Nee, even serieus: laten we hopen dat docent geschiedenis Patrick van den Hanenberg inmiddels met pensioen is gegaan en van een welverdiende rustige oude dag kan genieten te midden van andere alzheimerpatiënten in het een of andere rusthuis voor ouden van dagen. Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar heeft met dit boek zijn goede naam te grabbel gegooid. De bazen van het Prins Bernhard Cultuurfonds en het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten mogen van mij hun geld terugvragen van Patrick van den Hanenberg. Kopers van dit boek kunnen zonder enig probleem het geld dat ze hebben uitgegeven aan dit historische prulwerk van hun boekhandelaar terugkrijgen. Laat alle bibliotheken in Nederland en België ‘Het leven heeft geen zin, maar ik wel’ uit hun schappen verwijderen.

Gelukkig hoeft Maarten van Roozendaal deze biografie nooit te lezen. Lieve lezers, je zou om dit alles kunnen lachen als het niet zo verschrikkelijk treurig was. Laat ik eindigen met enkele woorden uit Maarten van Roozendaal’s prachtlied “Verdriet en Vreugde”: “… tranen van verdriet en vreugde zijn uiteindelijk even nat”.

Onbekend's avatar

Waarom geen inkomensafhankelijke kinderbijslag? 

Euro, Money, Dollar Bill, Currency, Banknote, Specie

Om allerlei redenen kunnen mensen die niet meer kunnen werken een beroep doen op de een of andere uitkering. Dat kan een bijstandsuitkering zijn, maar ook komt het voor dat mensen voor korte of langere tijd werkloos of arbeidsongeschikt worden en maandelijks een hoger bedrag dan dat van een bijstandsuitkering uitgekeerd krijgen, omdat ze bijvoorbeeld lange tijd een baan met een relatief hoog inkomen hebben gehad. Voorwaarden voor het krijgen van zo’n uitkering en de duur daarvan zijn van allerlei omstandigheden afhankelijk. 

Daarnaast bestaat er in Nederland een veel grotere groep mensen die wel werkt, maar te weinig verdient om hun huur of zorgverzekering (volledig) te kunnen betalen. Voor leden van die groep bestaan er huur- en zorgtoeslag.  

Dit betekent dat dat de Nederlandse overheid al sinds jaar en dag een sociaal vangnet heeft gecreëerd om burgers te behoeden voor een al te grote inkomensval, armoede, of erger: huisuitzetting en dakloosheid. De sterkte van dat sociale vangnet is door de jaren heen danig aangetast door de respectievelijke neo-liberale kabinetten die Nederland al sinds tientallen jaren regeren: uitkeringen werden lager, de geldende voorwaarden die golden voor het krijgen van een uitkering werden steeds verder aangescherpt, net zoals de duur van het krijgen van een uitkering. De reden achter deze trend was dat het mensen zou aansporen om toch weer de arbeidsmarkt te gaan betreden, maar voor een grote groep mensen die echt nooit meer konden werken betekende het beleid van deze kabinetten dat ze steeds armer werden en sociaal geïsoleerder. 

Maar de overheid doet veel meer met uw belastinggeld dan het in stand houden van een al of niet acceptabel sociaal vangnet. Veel overheidsgeld gaat naar onderwijs, zorg en defensie. Ook geeft de overheid jaarlijks ongeveer 3,5 miljard euro uit aan kinderbijslag; het komt er simpel gezegd op neer dat iedereen in Nederland met kinderen onder de 18 jaar elk kwartaal per kind recht heeft op een bepaald bedrag aan kinderbijslag. De hoogte van het bedrag dat wordt uitgekeerd is afhankelijk van de leeftijd van de kinderen en de hoeveelheid kinderen per ouder of gezin.  

Op zich is kinderbijslag een mooie gift van de overheid aan ouders met kinderen, maar toch wringt de schoen bij de manier waarop de kinderbijslag wordt uitgekeerd en verdeeld over de burgers met kinderen. Ten eerste is het zo dat het bedrag dat aan kinderbijslag wordt uitgekeerd in de praktijk niet genoeg is om een kind volledig te kunnen onderhouden. Daarnaast is het zo dat het niet uitmaakt wat het inkomen van de ouders/verzorgers is bij het uitkeren van de kinderbijslag. Alle ouders, rijk of arm, krijgen elk kwartaal volgens dezelfde regels een bedrag aan kinderbijslag uitgekeerd. Anders gezegd; een bijstandsmoeder krijgt niet meer kinderbijslag dan een miljardair. En daar zou iets aan veranderd moeten worden. 

Zou het niet veel rechtvaardiger zijn als ouders met weinig geld meer kinderbijslag krijgen dan ouders met veel geld? Voor een miljardair zijn een paar duizend euro aan kinderbijslag per jaar relatief gezien overbodig. De miljardair zal ook zonder het krijgen van kinderbijslag zonder enige moeite zijn of haar kind zonder enige financiële restricties kunnen opvoeden en deel laten nemen aan sportclub of muziekschool. Dit laatst geldt niet voor de armste mensen van onze samenleving. De kans is groot dat bijvoorbeeld een bijstandsmoeder haar kind niet naar een sportclub, muziekschool e.d. kan laten gaan, laat staan een peperdure elektrische fiets voor haar kind kan kopen als het kind chronisch ziek is en bovendien ver van school woont. 

De oplossing is eenvoudig: laten we een inkomensafhankelijk stelsel van kinderbijslag invoeren. Mensen met kinderen die het geld niet nodig hebben krijgen minder of niets en mensen met kinderen die het geld wel nodig hebben krijgen meer. Alleen op die manier kan een onbezorgde jeugd van al onze kinderen, waarbij ze bovendien de ruimte krijgen om hun talenten te ontwikkelen, gewaarborgd worden.